Inzendingen

/Inzendingen

augustus 2011

Zomeravond in Veere

Op Veere-Stad.nl plaatsen we ook ingezonden foto's, berichten en zoals in dit geval gedichten over Veere. Dit gedicht is geschreven door Jutta Hiensch. Sinds tien [...]

april 2010

Installatie Derk Huinink, Veere 1934

Installatie Derk Huinink, Veere 1934 Daar zit hij dan, de nieuwe burgervader, onwennig, op het puntje van zijn stoel. Een wankel licht valt door de grote ramen, verhult nog het bestuurlijke gewoel. ’t Bureau, bij aanvang nog niet overladen. Hij gaat van start, doet dat gewetensvol. Zijn handelen als altijd vastberaden en rechtdoorzee naar het gestelde doel. Want op zijn schouders rust een zware taak: naast werkzaamheden voor de burgerij, ’t stadhuis en de garnalenvisserij. Zo zie ik hem in mijn gedachten vaak: Al is de installatie net voorbij: ‘Aan ’t werk en verder geen dikdoenerij.’ José Nouwen […]

september 2009

Veere, lief Veere (een herinnering)

Hoewel ik geen inwoner ben van Veere voel ik me er sterk mee verbonden. Jaarlijks bezoeken we enkele malen met onze boot de jachthaven en dan dwaal ik altijd even door Veere. Dan denk ik weer aan de jonge jaren die mijn moeder – Corrie Huinink – in Veere doorbracht. Dat was in de periode voor de oorlog. Haar vader was er burgemeester en zij zelf had er de mogelijkheid haar pianostudie onder leiding van een muziepedagoog uit Middelburg, na haar opleiding aan het Haags conservatorium, verder voort te zetten. Zij begeleidde de dochter van de schilder Koets – Pita – op de piano en werd betaald met schilderijen van hem. Twee ervan zijn nog in familiebezit. Ook had zij contact met de schilder/schrijver H.W. van Loon en schilder Alfons van Dijk die veel in Veere hebben gewerkt. Ook van hen bezit ik nog twee werken. Enkele jaren voor de oorlog vertrok zij met haar verloofde naar Indië. Niet alleen dit stukje geschiedenis, maar ook het wonderschone plaatsje zelf, hebben mij geïnspireerd tot het schrijven van volgend sonnet. Veere, lief Veere (een herinnering) Kort achter het houten staketsel van Veere gaat kabbelend water de haven voorbij met schuimwitte kopjes en meeuwen die scheren en binnen zijn jachten, gemeerd op een rij. De stoep van huis Oostenrijck dient mij tot zetel. Ik denk aan de tijd van de zee, het getij, de geur van de vissen, het touw en het teer en het kraken en schuren van schepen langszij. Het carillon klingelt in tonen zó rank en de klok slaat gestaag ieder uur van de dag. ’t Galjoen op de top is met goudglans getooid. Maar als ik goed luister, dan hoor ik de klanken van Händel, Chopin, Debussy en van Bach zacht over de kade in ’t water gestrooid. José Nouwen […]